Man toch. Ik ben een grote plooier en een echt wijf (voor de vrouwen uit Oost- en West-Vlaanderen beginnen steigeren “dat dat toch geen feministisch en emancipatorisch verantwoorde woordkeuze is”: in Brabant wordt dat woord heel geweune als synoniem voor vrouw gebruikt en bovendien vind ik dat een leuk woord. Because I can enal.) Nadat ik gisteren eindelijk mijn trommelduet met Oskar Matzerath had afgemaakt, ben ik heel flink beginnen schrijven aan mijn Magisterarbeit – ik ben er trouwens nog niet uit hoe ik dat ding de komende drie maanden ga bestempelen, als Magisterarbeit, masterthesis, masterscriptie of gewoon thesis. In de laatste weken voor de deadline wordt het waarschijnlijk iets als “aarghschijterij”, maar voorlopig zal ik het bij thesis houden. Het “master”-gedeelte zal ik gebruiken als die graad ook effectief binnen is. Maar waar was ik, met mijn onderbrekingen en gedachtestreepjes altijd. Ahja, dus, gisteren heel vlijtig beginnen schrijven aan mijn thesis. Het ding is zo goed als af in mijn hoofd, het moet er enkel nog uitkomen in de vorm van 25 000 (nee niet waar, nog slechts 23 287) Duitse woorden. Vandaag ging ik flink op hetzelfde elan verderdoen, maar dat was buiten dat peetje in mijn hoofd gerekend, dat om de vijf minuten venijnig fluistert “Ok, genoeg gewerkt hoor, nu mag je wel eens pauzeren”.
Bij wijze van heel korte pauze ging het vandaag naar de blogosfeer, alwaar ik heel graag in de Crib van Lilith vertoef. Deze columniste van Story heeft een heerlijke blog, serieus, geef die vrouw een personalityblad! Véél meer dan Liekens hoor – maar dat terzijde. Deze keer waren het de flashy brillen links op de homepagina die mijn aandacht trokken, en voor ik het wist was ik zo maar eventjes twee uur kwijt aan het rondsnuffelen op dit duivels oord hier, genaamd Kaboodle. “Kaboodle is a fun shopping community where people recommend and discover new things”, ja mijn gat, Kaboodle is vooral een veel te verslavende Web 2.0.-uitvinding waar je allerlei wishlists kan opstellen (mijn “If I had One Million Dollar”-lijst is ondertussen onrustwekkend lang). Ik ben daar redelijk eenzaam, dus ik roep iedereen op om daar ook zo’n profiel te maken en mijn vriendje te worden – in tijden van defriending is er nood aan meer vriendschap in de wereld.
De voordelen: door die lijstjes hoef je niet telkens “verras mij!” te zeggen wanneer iemand je vraagt wat je voor je verjaardag wil (haha), je kan hen gewoon je Kaboodle-homepage geven! Zorg er wel voor dat er genoeg verschillende items op je lijstje staan, zodat je toch nog verrast bent wanneer je je pakje opent. Want pakjes openen zonder het verrassingseffect is toch maar half zo leuk, niet? Ten tweede: je leert er ook verschillende nieuwe brands kennen. Ik ben ondertussen al verliefd op de vintage hebbedingetjes van Mod Cloth en de volledige schoenentassenaccessoirecollectie van Nine West (Note to Fem: ooooh toen ik die site ontdekte was ik jaloerser dan ooit op jouw NY-trip! Check die Pluto-pumps, kwijl…). En I ain’t seen nothing yet, er zijn nog zoveel leuke online shopadresjes op Kaboodle te vinden, en zo weinig tijd!
De nadelen: het is een grote hersenloze, soms deprimerende (“huuunk hoeveel kost dàt!?”) maar vooral tijdvretende bezigheid. Tijdverspilling zo je wil, maar voor vrouwen én Bart Keunen ligt dat wel ietsje anders. De mensen die ook Literatuur en Maatschappij volgden, weten het al langer: het gaat niet om het bezitten van het object zelf, het gaat om het fantasmagorische, betoverende aura rond een bepaald object, het merk, de status die erbij hoort. Of, om het met de woorden van BK te zeggen: het kijken (kwijlen?) naar het model op de motorkap van de flitsende auto is al een groot deel van het verlangen naar die auto an sich.
In mijn geval speelt in die “esthetische ervaring” zeker ook het verlangen om het object in kwestie te bezitten, meer dan het bezitten zelf. Het uitkijken naar en plannen van iets vind ik in vele gevallen leuker dan dat evenement op zich. Het klaarmaken van de hapjes voor de party verschaft je meer genoegen dan het oppeuzelen ervan (niet dat je tijdens het klaarmaken je mond niet volpropt met de ingrediënten, maar kom). Het bekijken van de pittoreske parkjes in Dublin via Google Earth bleek leuker te zijn dan de irl-ervaring (want in Google Earth regende het niet). Het opstellen van een examenwerkschema is altijd leuker dan die ervaring zelf (je raakt toch achter op schema, hoe blij je ook was toen je al die mooie gekleurde en perfect uitgebalanceerde vakjes op je schema had ingedeeld). Het maken van todolijstjes voor de vakantie houdt de belofte van veel zon, vrijheid, variatie en dikke fun in. Het checken van de technische specificaties, het versteld staan om het unibody aluminium frame en de kweetniehoe-ecologische verpakking maat!, het bedenken dat het ding wel heel mooi zou staan op je bureau en het kijken welke sjablonen je in die iWork ’09-software wel niet allemaal kan gebruiken, dat is allemaal leuker dan het ondraaglijk lichte bezit van dat ding zelf.
Dus het is duidelijk: ik wìl helemaal geen Macbook van die nieuwe generatie, want ik heb mijn Cher die nog perfect dienst doet. Ik savoureer gewoon het aura van het verlangen errond en ernaar, dat spreekt vanzelf – mmm appelsmaak.
Enfin. “En anders maak ik u iets anders wijs”, zeker.
Daar zeg je me wat