Ik ga niet zo heel dikwijls naar de bioscoop – ook ik ben op facebook lid van de “Kinepolis gaat erover!”-groep, en als je niet op kot zit is een avondfilm meepikken net iets minder praktisch (“da-ag, laatste trein”) – maar de afgelopen twee weken is het er zelfs twee keer van gekomen, wat naar mijn normen dus heel veel is. Bovendien waren het beide films van Duitse stempel, de ene over de woelige geschiedenis van het terrorisme in Duitsland ten tijde van de Rote Armee Fraktion, de andere gebaseerd op de beststeller Der Vorleser (1995) van Bernhard Schlink, een boek dat we in de tweede bachelor bij Duitse Letterkunde voorgeschoteld kregen. Wat volgt, is een poging tot recensie.
Twee weken geleden speelde in het kleinste zaaltje van de Studio Skoop Der Baader Meinhof Komplex, de in Duitsland veelbesproken en gecontesteerde prent over de Rote Armee Fraktion en hun terroristische vrijetijdsbesteding in de jaren ’70 en ’80. Het woord “vrijetijdsbesteding” lijkt hier misschien ongepast en een afzwakking van de ernst van de zaak (de RAF doodde 34 mensen en was verantwoordelijk voor verschillende bomaanslagen en bankovervallen, om nog te zwijgen van de angst die ze over Duitsland verspreidden tijdens de zogenaamde heißer Herbst van 1977), maar uiteindelijk komt het zo wel over in de film. Aanvankelijk zorgen de columns en theoretische artikels van Ulrike Meinhof nog voor een ideologisch fundament voor de steeds radicaler wordende linkse protesten, maar al snel vervalt ook Meinhof in dezelfde blinde en domme “niets doen is nog veel erger dan een gewelddadig optreden”-demagogie van Andreas Baader en zijn liefje Gudrun Ensslin (which reminds me: ik dacht dus tot twee weken geleden dat Baader en Meinhof een koppel waren, maar de relatie tussen die twee bleek op z’n zachtst gezegd onderkoeld).
Toch begrijp ik de storm van protesten die in Duitsland losbarstte naar aanleiding van de première van de film: onder meer Bettina Röhl, dochter van Ulrike Meinhof (die haar twee dochtertjes overigens zonder verpinken naar een Palestijns kamp voor weeskinderen wilde sturen, ten dienste van de Revolutie), en Michael Buback, zoon van de in ’77 neergeschoten Generalbundesanwalt Siegfried Buback, beschrijven de film als “totale heldenverering”. In de eerste drie kwartier van de film lijkt het inderdaad alsof de terroristen de good guys zijn en krijgt hun optreden een romantisch kantje. Denk maar aan het kikkerperspectiefshot waarin twee terroristes met een glimlachje op hun lippen bijna weghuppelen van het gebouw dat tien seconden later met een mooie knal in de lucht zal vliegen. Victorie!

Toch vind ik dat het met die heldenverering best meevalt, en dat de blinde terreur en het pief-poef-paf-gehalte de film niet tot een ideologisch pamflet of pleit voor de linkse ideologie laten verworden. Daarmee hebben de overblijvende linkse rakkers dan weer een reden tot klagen, maar alla. Los daarvan: Der Baader Meinhof Komplex is bijwijlen een gratuite actiefilm, maar ikzelf vond het een interessante prent, alleen al omdat alle “theorie” die ik in de razend interessante Deutsche Landeskunde-lessen zag, nu ook een gezicht kreeg. Ik weet niet of mensen die deze bagage of interesse voor de Duitse geschiedenis niet met me delen, het een even goede film zullen vinden, maar anderzijds is het verhaal dat verteld wordt ook een belangrijk stuk van de wereldgeschiedenis, en dat maakt de film mijns inziens al het bekijken waard.
Gisteren zag ik The Reader, de film waarvoor Kate Winslet haar Oscar voor beste actrice mocht ontvangen. Veel filmcritici vonden het tekenend voor het conservatisme van de Academy dat Winslet net voor dit holocaustverhaal genomineerd was, en niet voor haar rol in het suburbiadrama Revolutionary Road van haar hubby Sam Mendes, maar ik vind het volkomen terecht. Begrijp me niet verkeerd, ook in Revolutionary Road vond ik haar vertolking van de “Stepford wife” die liever een vrije zwaluw wil zijn en daar ten slotte aan onder gaat, indrukwekkend, maar hoe ze Hanna Schmitz speelt, grijpt je pas echt naar de keel. Ze redt op haar eentje een (op papier) prachtig verhaal dat op bepaalde momenten een kleffe Hollywoodbewerking dreigt te worden. Ook de jonge Duitse acteur David Kross en Ralph Fiennes doen hun best – die Kross mag mij trouwens ook wel eens komen voorlezen, vanwege zijn grote inlevingsvermogen in de Duitse literatuur, vanzelfsprekend – maar Winslet torent hoog boven hen uit. Misschien heeft dat iets te maken met regisseur Stephen Daldry en zijn talent om het beste uit zijn vrouwelijke actrices te halen? De vertolkingen van Julianne Moore, Nicole Kidman en Meryl Streep bliezen me in The Hours (2002) ook al omver.
Het verhaal zelf is al even indrukwekkend als Winslets acteerprestatie, en confronteert je met het grote Duitse probleem van de Schuldfrage na de Tweede Wereldoorlog. Voor wie zich afvraagt waarom het proces waarop Hanna terechtstaat pas in 1966 plaatsvindt, maar liefst twintig jaar na het einde van de oorlog: ook dat is een belangrijk aspect van de Duitse geschiedenis. Afgezien van de Nürnberger Prozesse had er geen Verarbeitung, geen evaluatie van de “verantwoordelijkheid van iedereen” plaatsgevonden. De grote vissen waren gevangen en vervolgd, maar de collectieve schuld werd in het kader van de Wiederaufbau van Duitsland een beetje weggemoffeld – er waren nu eenmaal belangrijker problemen aan de orde, en men keek liever vooruit, onderwijl de vruchten van het Wirtschaftswunder plukkend, dan terug te gaan in het niet zo mooie nationale verleden. Pas in de jaren ’60 kwam – onder het gescandeer van de studentenprotestslogan “Unter den Talaren, Muff von 1000 Jahren”, die een duidelijke verwijzing naar het duizendjarige rijk van Hitler inhield – de verwerking van de eigen schuld pas op gang. Dat dit boek uit 1995 (!) zo’n bestseller werd, heeft mijns inziens ook (maar zeker niet alleen) te maken met het feit dat men in Duitsland met die Vergangenheitsbewältigung nog lang niet klaar was en is.
Om een lang en met Duitse woorden doorspekt verhaal (helemaal géén sorry daarvoor) kort te maken: The Reader is een goede film, dus gaat dat zien. Het boek is natuurlijk stukken beter, en kunnen jullie steeds bij mij eens uitlenen. In het Duits, vanzelfsprekend. Al zal ik iemand die de moeite doet om de Nederlandstalige vertaling te lezen vast niet uit mijn vriendenkring excommuniceren – integendeel!
Daar zeg je me wat