Bij gebrek aan meer inspiratie, een tranche de vie uit Leuven. Ik zit te werken in de cafetaria van het universiteitsgebouw, de drie Limburgse eerstejaarsstudentes naast mij zitten elkaar af te troeven met hun geografische kennis.
Studente 1: „Wel, wij beginnen hier direct in Leuven hé, maar als je Portugees of zo wil studeren, dan moet je eerst naar Kortrijk!“ (zet verschrikt gezicht op)
Studente 2: „Kortrijk! Zo ver!“ (nog verschrikter)
Studente 3: „Ja ze, da’s echt ver. Waar ligt dat eigenlijk, Kortrijk? Dat is toch wel zeker verder dan Antwerpen hé? Ligt dat daar niet in de buurt ergens?”
Studente 1: “Neen hoor. Kortrijk, dat ligt in de Vlaanders…” (kijkt nog verschrikter en spreekt die laatste woorden op z’n Cyriel Buysses uit)
Studente 3: “Ja, de Vlaanders! Maar… is dat dan aan de zee? Ik denk dat dat in de Vlaanders aan de zee ligt.”
Studente 2: “Ja, in Oost-Vlaanderen, denk ik. Maar wel niet dicht bij Oostende, ‘t ligt meer aan de randen.”
Studente 1: “Ja, Kortrijk, dat zal wel de Oost-Vlaanders zijn. Echt ver.”
Studente 3: “Amai nog niet. Ik ben blij dat wij in Leuven zitten.”
Man, was ik blij dat ik op dat eigenste moment ook in Leuven zat. In geen tijden zo gelachen.









Daar zeg je me wat